Bewust leven

Wat is het voordeel van biologisch eten?

Niet iedereen is geïnteresseerd in biologische voeding en dat is begrijpelijk; het is duur, minder makkelijk te verkrijgen en je ziet amper het verschil met normale voeding. Zelf eet ik voornamelijk biologisch, ik wil namelijk het beste voor dier en natuur en ik heb het gevoel dat ik zo mijn steentje bijdraag. Maar wat zijn nou werkelijk de voordelen hiervan?

Biologisch eten is gezonder, toch? Dit is helaas niet waar. Gangbare voeding en biologische voeding, hebben net zoveel voedingsstoffen en zijn dus net zo gezond. Wel is het zo, dat mensen die biologisch eten, vaker bewust bezig zijn. Ze kopen gezondere producten, eten minder vlees en meer groenten. Dus het bewust eten, maakt dat je gezond bezig bent.

Voor dier en natuur zitten er wel een hoop voordelen aan en daar wil ik het graag over hebben.

Groenten en Fruit

  • Boeren mogen geen gebruik maken van genetische modificatie.
  • Gewassen mogen alleen worden geteeld op natuurlijke grond. Telen op steenwol of water is uitgesloten. Ook mag bemesting alleen plaats vinden door echte mest uit eigen stal of uit de stal van een nabijgelegen veehouderij.
  • De natuurlijke kringloop wordt in stand gehouden. Mest van veehouderijen wordt hergebruikt om de grond van de akkerbouw te bemesten. Zo wordt een mestoverschot voorkomen.
  • Gewassen worden beschermd door middel van bestrijdingsmiddelen van natuurlijke oorsprong, natuurlijke vijanden van ongewenste gasten en handelingen zoals schoffelen.
  • Sommige boeren gebruiken rassen die minder gevoelig zijn voor plagen en ziekten.
  • Plagen worden ook bestreden door wisselteelt. Door af te wisselen van gewassen, voorkom je dat plagen lang duren. Zo planten boeren gewassen die minder gevoelig zijn voor plagen, waardoor een plaag vanzelf verdwijnt.

Vlees

Voor alle dieren gelden een paar regels die overeenkomen:

  • Veehouders geven de dieren biologisch voer.
  • Dieren hebben meer ruimte dan bij de gangbare veehouderij.
  • Dieren krijgen over het algemeen minder vaak antibiotica. 
  • De leefomstandigheden van de dieren zijn erop gericht om de natuurlijke weerstand zoveel mogelijk in stand te houden. 

Runderen

Rundveehouderij
  • Koeien hebben genoeg ruimte; 8 m², zachte ligmogelijkheden en ze kunnen minimaal 210 dagen de wei in.
  • Biologische boeren hebben minimaal een halve hectare grond ter beschikking.
Melkveehouderij
  • Koeien staan meer dan 120 dagen in de wei.
  • Koeien leven in een ruime ligboxstal of een potstal, minimaal 6 m² per melkkoe.
  • De koeien krijgen minimaal 60% ruwvoer (gras, hooi en mais). Krachtvoer moet voor het grootste deel biologisch zijn geteeld. de ingrediënten mogen niet genetisch gemodificeerde zijn.
  • Grasland wordt voor een deel ingezaaid met klaver als natuurlijke bemester.
  • Bij het stoppen met melken van de koeien worden geen antibiotica gebruikt om een uierontsteking te voorkomen.
  • Onthoornen gebeurt alleen in het geval dat koeien elkaar beschadigen met hun hoornen. In de biologisch dynamische sector is onthoornen niet toegestaan.

Kippen

Leghennen
  • De hennen hebben genoeg uitloop. De uitlopen zijn begroeid en bieden voldoende schuilmogelijkheden.
  • De dichte vloer van de stallen is bestrooid.
  • De kippen krijgen daglicht, dit mag tot maximaal 16 uur per dag aangevuld worden met kunstlicht.
  • Er zijn maximaal maar 7 leghennen per legnest of elke leghen krijgt 1.20 m² in een gemeenschappelijk legnest.
  • Eisen voor de binnenruimtes voor leghennen zijn; maximaal 6 leghennen per m² en minimaal 18 centimeter zitstok per kip. 
  • Per stal mag de boer maximaal 3.000 hennen huisvesten.
Vleeskuikenhouderij
  • Biologische kippen hebben de meeste ruimte van alle vleeskippen die gehouden worden. Ze zitten maximaal met 10 kippen per m².
  • De kippen worden op latere leeftijd, minimaal na 81 dagen, geslacht. 
  • Meestal worden langzaamgroeiende rassen gebruikt, om te voorkomen dat de dieren te zwaar worden.
  • Vleeskuikens mogen vanaf 6 weken oud naar buiten. De uitloop van de dieren is minstens 4 m² per dier. Net zoals bij leghennen uitloop is begroeid en biedt schuilmogelijkheden.
  • De stallen zijn kleiner, maximaal 4.800 kippen.
  • De kippen krijgen veel daglicht.
  • De stal moet minimaal 8 uur aaneengesloten donker zijn.

Varkens

  • Vleesvarkens en zeugen hebben veel ruimte in vergelijking met andere soorten houderijen: 1,3 m² voor vleesvarkens en 2,5 m² voor zeugen.
  • Alle varkens hebben een uitloop naar buiten van 1 tot 2,5 m² per dier.
  • De uitloop van biologische varkens mag maximaal voor driekwart overdekt zijn en moet een verharde vloer hebben.
  • Niet-zogende zeugen krijgen weidegang: ze mogen vrij in de wei rondlopen. 

Vissen

  • Vissen krijgen voldoende ruimte.
  • Er is een natuurlijke bodem, goede waterkwaliteit en een temperatuur en lichtintensiteit die bij de soort hoort.
  • Waterzuivering vindt alleen plaats door natuurlijke filterbedden, biologische of mechanische filters, of dieren die bijdragen aan de waterkwaliteit. 
  • Hormonen worden niet gebruikt.
  • Vissen krijgen hooguit 2 keer per jaar medicijnen, als dat echt nodig is.
  • Voor visetende vissen, zoals zalm, moet het voer biologisch zijn.
  • Vissen die alleen planten eten, hoeven niet per se biologisch voer te krijgen, zolang het maar weinig tot geen impact op het milieu heeft.

Gevangen, wilde vis mag niet als biologisch verkocht worden. 

Verwerking

  • Verwerkers gebruiken geen chemische kleur-, geur-, en smaakstoffen. De ingrediënten zijn zoveel mogelijk biologisch. 
    Alleen technologisch onmisbare E-nummers van natuurlijke oorsprong zijn toegestaan. 
  • Bij de productie worden zo min mogelijk proceshulpstoffen gebruikt.
  • Producten worden niet doorstraald om ze langer houdbaar te maken.
Toegestane E-nummers

E170, E220, E224, E270, E290, E296, E300, E306, E322, E330, E333 t/m E336, E341 (i), E400 t/m E402, E406, E407, E410, E412 t/m E416, E422, E440(i), E500 t/m E504, E509, E516, E524, E551, E938, E941, E948, E1105

Wil je weten wat de volledige naam is van deze E-nummers? Kijk dan op de website van het voedingscentrum.

Milieu en veiligheid

Over het algemeen zitten er vooral voordelen aan biologisch eten, alleen er is 1 minpuntje; het is milieubelastend. Doordat dieren meer ruimte nodig hebben, biologisch boeren meer water verbruikt en dieren langer leven, is biologische voeding net iets minder goed voor het milieu dan de gangbare voeding.

Daarnaast is er nog 1 minuscuul minpuntje. Biologische eieren bevatten meer dioxiden. Dit komt omdat biologische leghennen meer buiten pikken dan gangbare kippen. Dit minpuntje geldt tevens ook voor scharrelkippen.

Gelukkig hoef je biologische producten niet bang te zijn voor giftige bestrijdingsmiddelen en dierengeneesmiddelen. Nog een pluspuntje is dat dieren die biologisch worden gehouden, minder kans hebben om ziek te worden en herstellen ze over het algemeen sneller.

Dieren die langer leven, hebben ook een grotere kans om over infecties, zoals salmonella, heen te groeien, waardoor de consument een kleinere kans heeft om zelf ziek te worden.

Hoewel biologisch eten niet direct beter is voor het milieu of voor de gezondheid, draag je wel bij aan dierenwelzijn en respect voor de natuur. Reden genoeg dus om dan maar wat minder, maar beter vlees te eten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.